De rechtbank in Breda heeft de 24-jarige verdachte van de dodelijke schietpartij in de Jumbo-supermarkt in Papegaaienburg in juni vorig jaar veroordeeld tot een gevangenisstraf van twaalf jaar. Het slachtoffer, een 44-jarige man, werd in de supermarkt neergeschoten en overleed korte tijd later aan zijn verwondingen. Volgens de rechtbank is er sprake van doodslag.
Aan het schietincident ging een ruzie vooraf tussen twee vrouwen in de supermarkt, onder wie de vriendin van de verdachte. Die woordenwisseling was voor het latere slachtoffer aanleiding om naar de winkel te gaan. Daar ontstond een confrontatie waarbij hij de verdachte sloeg. Nadat personeel ingreep en beide mannen naar buiten werden gestuurd, bleef het slachtoffer bij de ingang wachten.
De verdachte liep vervolgens op hem af en haalde een vuurwapen tevoorschijn. Op zeer korte afstand schoot hij het slachtoffer in het bovenlichaam. Toen het slachtoffer hem nog achterna ging, loste hij een tweede schot. Het slachtoffer overleed korte tijd later.
Volgens de rechtbank kan niet worden bewezen dat de verdachte het plan had om het slachtoffer van het leven te beroven. “Niet kan worden vastgesteld dat verdachte met voorbedachten rade heeft gehandeld”, aldus de rechtbank. Daarom is geen sprake van moord, maar van doodslag.
De verdediging voerde aan dat de verdachte handelde uit zelfverdediging, maar dat verweer is verworpen. “Dat het slachtoffer bij de ingang stond te wachten, is onvoldoende om te spreken van een onmiddellijk dreigend gevaar”, oordeelt de rechtbank. Uit camerabeelden blijkt bovendien niet dat het slachtoffer een wapen bij zich had of de indruk wekte dat hij bewapend was.
De rechtbank rekent het de verdachte zwaar aan dat hij op klaarlichte dag in een drukke supermarkt heeft geschoten. “Verdachte heeft het slachtoffer zijn meest kostbare bezit ontnomen, namelijk zijn leven”, stellen de rechters.
Bij het bepalen van de straf heeft de rechtbank meegewogen dat de verdachte licht verminderd toerekeningsvatbaar is. Uit onderzoek blijkt dat hij een onrijpe persoonlijkheid heeft en beperkt is in zijn denkvermogen. Omdat het risico op herhaling hoog wordt ingeschat, legt de rechtbank naast de gevangenisstraf ook een gedragsbeïnvloedende en vrijheidsbeperkende maatregel (GVM) op. Het Openbaar Ministerie had twee weken geleden een gevangenisstraf van veertien jaar geëist.
De verdachte moet daarnaast een schadevergoeding van ruim 100.000 euro betalen aan de nabestaanden van het slachtoffer.




















